Columns, Gezondheid, Paranormaal, Psychologie

Over het omgaan met een sekte: de psychiatrie

Sinds ik vijf jaar geleden tekens begon te krijgen heb ik dat altijd met de buitenwereld gedeeld. Na grondig eigen onderzoek had ik geconcludeerd dat die signalen écht waren en van mijn gidsen kwamen. Sindsdien weet ik dat er flink wat informatie ontbreekt in ons moderne wereldbeeld. En noem mij naïef, maar ik verwachtte dat een samenleving die niet meer in God gelooft, maar berust op wetenschap en de ratio, hiervoor zou openstaan. Wetenschap betekent immers: elke hypothese objectief testen – ook al is die nog zo idioot – en dan kijken of de vooronderstelling overeind blijft. Onzinnige aannames vallen gauw genoeg door de mand.

Ook bij psychologen en psychiaters vertel ik – weliswaar zeer voorzichtig – over mijn sjamanistische proces en de adviezen die mijn gidsen over mijn toestand geven. Tot voor kort nam ik aan dat ze verheugd zouden zijn over een – in onze samenleving – revolutionair inzicht. Deze wetenschappers zouden mijn beweringen kunnen testen: ik kan je zo meenemen voor een wandeling en laten zien wat er gebeurt. Ik kon hun Bertha Pappenheim zijn – de patiënte die Freud tot de psychoanalyse bracht – en rijkdom en roem zouden hun deel zijn. Zeer aanlokkelijk voor een bewoner van deze planeet.

Maar deze interesse blijken de ‘professionals’ totaal niet te hebben, want het tegenovergestelde gebeurt. Ze staan helemaal niet open voor het bijschaven van hun visie op de werkelijkheid, zoals een echte wetenschapper betaamt. In tegendeel: ze testen niks zelf, maar sluiten al bij voorbaat uit dat de werkelijkheid zou kunnen afwijken van de blik die er tijdens hun jeugd (in de meeste gevallen) en opleiding is ingestampt door het systeem. Tekens krijgen? Dat bestaat niet!

De volgende stap die de therapeuten nemen is om de brenger van de onwelgevallige, bedreigende boodschap onderuit te halen en weg te zetten als inferieur. Als ze mij niet actief gek kunnen verklaren, omdat ik niet ziek overkom, dan ben ik toch wel potentieel gek. En mij bij mijn problematiek helpen, die losstaat van paranormale gegevens? De meest recente therapeuten piekerden er niet over. Daar ben ik veel te zwak voor.

Ik heb daarom onlangs moeten concluderen dat ik voor het overgrote deel niet met wetenschappers te maken heb, maar met een sekte. Dit zijn mensen die de ‘waarheden’ die ze krijgen aangereikt, niet zelf testen, maar slikken voor zoete koek. En eigenlijk maakt het dan niet uit of je gelooft in de kerk of in de wetenschap. Zelfs als je met een waarheid als een koe komt aanzetten, wil deze persoon het niet zien en beschuldigt de ander gek te zijn. Voordat je dus überhaupt met deze psychologen en psychiaters kunt praten moet je ze eerst deradicaliseren. De hersenspoeling moet ongedaan worden gemaakt. Anders is er geen enkel gesprek mogelijk.

Wat ik bijzonder kwalijk vind – en dat is ook de reden dat ik tegenover psychiaters mijn mond opentrek over paranormale fenomenen – is het feit dat potentiële sjamanen, die écht tekens krijgen, ziek worden verklaard en terug-gehersenspoeld het systeem in. Ik classificeer dat als zware, emotionele mishandeling, was het niet dat de therapeut werkelijk geen idee heeft waar hij of zij mee bezig is. En dat ben ik in 25 jaar psychiatrie veel vaker tegengekomen.

Ik wil therapeuten aanraden zich eens wat meer open te stellen voor hun patiënten en echt te luisteren naar wat hij of zij te zeggen heeft. Nu neemt deze man of vrouw vaak de ‘ik-weet-het-beter’-positie in. En in veel gevallen geldt: des te dikker je dossier, des te lager je wordt geplaatst. Neerkijken op iemand en je beter voelen, zeker als die ander bedreigend is voor je wereldbeeld? Narcisme en pure angst.

Een échte wetenschapper staat open voor alle waarheden: ook als dat betekent dat de aarde rond is en niet plat zoals jij altijd dacht. Want je wilt toch niet bij een sekte horen? Anders neem ik de volgende keer een behandeling met bloedzuigers, net zo wetenschappelijk.

Columns, Psychologie

Romeo en Julia en het westerse ideaal van liefde

Ik heb lang gedacht dat de meeslepende, dramatische romantiek van een paar als Romeo & Julia of Cathy & Heathcliff (Wuthering Heights) het summum van liefde was. Hoge toppen, diepe dalen, intens geluk en intense pijn. Dat dit eerder op een verslaving lijkt dan op geluk is me tot voor kort enigszins ontgaan. Zit je leven na leven te smachten naar een karmische soulmate die je rot behandelt, dan zou er op een gegeven moment toch een kwartje moeten vallen. En nu lijk ik deze levensles eindelijk te pakken.

Maar wat in dit proces niet meehelpt is het westerse ideaal van liefde. Stort je je niet te pletter van een klif dan kan het toch geen Ware Liefde zijn. Dat menig vrouw daar in de wereldliteratuur aan ten onder gaat (denk Ophelia, the Lady of Shalott of Anna Karenina) moeten we dan maar even vergeten. Patriarchale mannen daarentegen willen nogal eens een crime passionel plegen. Zoals een voormalig rechtbankverslaggever mijn journalistiek-klas vertelde: is er een vrouw vermoord, dan is het in 99 van de 100 gevallen gedaan door haar partner of ex. Tja, true love of ware destructie?

Waar mijn gidsen mij via het trekken van kaarten op wezen is dat dit drama in wezen een vorm van liefde is voor onvolwassen mensen, pubers zo je wil, die uit emotioneel onvermogen graag zichzelf en/of een ander in het ongeluk storten. En het is inderdaad niet saai (we moeten de roddelbladen toch vullen), maar waren punkrocker Sid & Nancy nu echt zo gelukkig? Uiteindelijk legden ze allebei het loodje. Zij werd vermoord. Hij overleed aan een overdosis heroïne. Een nogal uitputtende manier om je leven te líjden.

Een gelijkwaardige relatie tussen twee emotioneel volwassen mensen kan de basis zijn voor rustig Geluk. En dat klinkt inderdaad wat saai 🙂 Maar zelfs dan heb je altijd nog anderen nodig: familie, vrienden, collega’s. Want je partner kán niet alles bieden: je geliefde, je vriend, je psychiater, je huishoudster, je ouder. Een relatie heeft lucht nodig en twee mensen die ook zelfstandig kunnen functioneren. We hebben allemaal behoefte aan tijd voor onszelf. Hoeveel je ook op elkaar lijkt en je belangstelling overeenkomt: je bent geen eeneiige tweeling, noch elkaars bezit.

Het feit dat onze westerse samenleving is opgesplitst in stellen, al dan niet met kinderen, vind ik daarom verontrustend. Je wilt in veel gevallen volgens mij niet weten wat er écht achter die voordeuren gebeurt. Met de corona-lockdown nam het huislijk geweld direct toe. Eerst trouw je met de Ware, tien jaar later scheid je van de Vijand. In beide gevallen mag dat extreme beeld wat worden bijgebogen. En het keurslijf van het kerngezin mag van mij ook verdwijnen.

Liefde is als een plant, die je koestert en niet om de beurt met een bijl te lijf gaat. Hoe enerverend dat ook is. Het kent vele vormen en fasen, waarbij de geliefden elkaar niet moeten verstikken, maar vrij laten, zodat er ruimte is voor beiden om hun eigenheid te bewaren. Een relatie kan de slagroom op de taart zijn, maar nooit alle honger stillen. Leven in groepsverband is gezonder dan van een persoon afhankelijk zijn. Zo kun je altijd in vrijheid naar de ander toe bewegen.